dinsdag 16 januari 2018

Navolgen en toch jezelf worden?

Een van de dingen die mij kenmerkt als christen is Jezus - wij (christenen) dragen zijn naam, dus het lijkt logisch dat we er tenminste iets van vinden, en iets mee moeten. 

In deze en de komende blogs wil ik mijn gedachten daarover wat delen. misschien is het wat ongeordend, misschien wat overlappend, misschien herkenbaar of vreemd, maar so be it. 

We worden opgeroepen om navolgers van Jezus te zijn. Met een mooi woord - discipelen. Jezus leerde aan twaalf mensen wat dat betekent. Navolgen. Imiteren. Worden zoals iemand. Hij onderwees, liet zien, corrigeerde, onderwees nog meer, nam ze mee in praktijkvoorbeelden, zond ze uit, en tenslotte (na zijn kruisiging en opstanding) stuurde hij ze er op uit: Ga, en maak ook discipelen, leer ze alles wat jullie van mij hebben geleerd.

Nu leef ik hier, vele generaties verwijderd van die Jezus, op zoek naar mijn ik. Wie ben ik, wie wil ik zijn, wat wil ik ook vooral niet zijn, en hoe doe ik dat?
Wezenlijke vragen, waar we allemaal mee te maken hebben. We spiegelen ons aan mensen (zo wil ik wel worden) of zetten ons af tegen ouders (als puber - zo wil ik dat dus juist niet) en we zoeken naar een modus waarin we een beetje acceptabel meekomen in de maatschappij en toch nog een beetje uniek zijn. Lastig genoeg. En dan moet ik (en hopelijk met mij alle andere christenen) mij ook nog spiegelen aan Jezus - wat hij onderwees, wat hij deed, wat hij liet zien. 

óók nog, of juist daarin?

Ik geloof dat we als Jezus mogen worden, maar niet Jezus zelf hoeven worden. Ik mag mij als leerling spiegelen aan Jezus, aan zijn positieve menselijke eigenschappen (oa oordeelvrij, vergevingsgezind, God-aanbiddend, een briljant spreker en leraar) en ook de andere kant (confronterend, soms wat geirriteerd, dwars, heilige huisjes omvertrappend) En dan heb ik het nog niet eens over zijn goddelijke eigenschappen (Verlosser, Bemiddelaar)
Het mag mij helpen te worden wie ik ben. Door Jezus na te volgen en zijn oproep na te leven (Kom tot inkeer en werk aan het koninkrijk van God) ontdek ik dat ik meer ben dan mijn gedachten, meer dan mijn daden en meer dan mijn spreken, namelijk Zijn schepping. Daarbij ben ik niet een weerloos poppetje dat zich van alles laat verbieden of opleggen (oa in de tien geboden of de heilssoldatenbelofte) maar vooral dat ik door Hem gewenst en geliefd ben, en iets mag betekenen in zijn koninkrijk.
En daarover een volgende keer meer!

Geen opmerkingen:

Een reactie posten